Spruitkool

Brassica oleracea var. gemmifera
Spruitjes (Nederlands); Rosenkohl, Kohlsprossen (Duits); chou (de) Bruxelles (Frans); cavolo di Bruxelles (Italiaans); col de Bruselas (Spaans), Brussels sprouts (Engels)

Historie

Er is weinig over de oorsprong en geschiedenis bekend. Wel dat de spruitjes uit Zuid-Europa afkomstig zijn, hoewel de verwijzing naar Brussel eerder aan De Lage Landen doet denken. Men denkt daarom dat de Romeinen het spruitje naar België hebben gebracht. [1] Daar zou het in beperkte kring “onopvallend” worden geteeld. (Maar eeuwenlang?) En pas aan het begin van de negentiende eeuw commercieel. In Groentekookboek van Jane Grigson staat dat spruitjes in 1213 worden vermeld in Brusselse marktvoorschriften en dat ze in de vijftiende eeuw werden geserveerd aan het Bourgondische hof te Lille. En daarna was het stil, aldus Grigson. Andere bronnen zeggen dat het spruitje, een ontwikkeling van de okselknoppen langs de stam, rond 1750 in België is ontstaan [3]. Op Wikipedia wordt, zonder nadere aanwijzingen, 1821 genoemd – een m.i. te exacte datum om geloofwaardig te zijn. 
Met enige geruststelling mogen we dus concluderen dat voor 1800 nog geen sprake was van de bekende Hollandse spruitjeslucht. Maar of kleinburgerlijkheid ook iets is van na die tijd?

Culinair

Vroeger waren spruitjes wat bitter. Dat is in de nieuwe (hybride) rassen eruit geselecteerd. Jammer, want bitter is ook een smaak. 
Spruitjes worden (kort!) gekookt, geroerbakt of gesmoord, in schotels, pasta's of als stamppot. 
Voorbereiding: maak ze schoon door de lelijke buitenste blaadjes weg te nemen. Dikke spruitjes bij het snijvlak (stronkje) even met een mesje inkruisen. 
De meeste kookboeken geven overigens weinig spectaculaire recepten. Een klassieker is de purée à la Brabançoise.
 

Bewaren

Buiten, aan de plant – alleen strenge vorst is schadelijk. Maximaal een week in de koelkast. Tijdens de vorst geoogste spruiten kunnen niet worden bewaard.

Voedingswaarde

Als broccoli (telen we niet), maar in iets lagere concentraties. Per 100 gram:

caloriën

laag: 28 kcal

vitamine B1

0,12 mg

vitamine B2

0,12 mg

vitamine C

> 100 mg

caroteen

1 mg

 

Bevat glucosinolaten, een stof die een positief effect heeft op het tegengaan van kanker.

Teelt

Spruitjes kunnen vroeg, normaal of laat worden geteeld. Bij 'normaal' begint de oogst grofweg in december en loopt door t/m januari. Late teelt richt zich op oogst t/m maart. 
Wij doen de normale teelt.

Zaaien

eind maart/begin april

Uitplanten

eind mei/begin juni (plm. 8 weken later) 
Als de zaailing niet fraai recht is, kan er diep worden geplant. Kolen wortelen namelijk makkelijk.

Oogst

december en later; begin onderaan, naarmate het seizoen vordert, ook de hogere spruiten plukken.

Mulch de grond rond de planten (met bijv. stro) om de grond koel te houden in de warme zomer. Regelmatig bijmesten met compost doet goed op armere grond.

Plantafstand: 60 cm in de rij; 60 cm tussen de rijen.

Water: Alleen in een droge septembermaand, om spruitvorming te bevorderen. Tijdens de zomer: beperkt water geven.

Tip: Voor een goede spruitontwikkeling regelmatig wat blad van de plant wegnemen.

Bemesting

Alle kolen zijn veelvraten. 
Ik doe in het vroege voorjaar veel varkensmest (met stro) op de koolbedden (paardenmest of kippenmest is ook goed). En compost.

Bodem & standplaats

Alle grondsoorten, m.u.v. zeer lichte zandgrond en zware klei (dat wel goed is voor sluitkolen). Op humusrijke tuinbouwgronden groeit het weelderig met losse spruiten. 
Onze ervaring is dat rond de oogsttijd de onderste spruiten al los zijn (kleine rozen). 
Volle zon voor de beste oogst. Aan de rand van de moestuin, daar waar niet de hele dag zon is, buigen de spruitkolen naar het licht en hebben (dus) geen fraaie rechtopgaande stammen. Stutten met een stok helpt.

Rassen

Oude rassen: Roodnerf (in 1974 nog het meest geteeld), Westlandse, Lierse, Noisette. Rubine, donkerrode spruiten, ontwikkeld door C.N. Vreeken, oprichter van Vreeken's Zaden (heeft een iets lagere opbrengst). Groninger Stiekema.

Zaadteelt

De plant laten staan (of zonodig verplanten). In de lente verschijnen bloemstengels aan de kop van de plant. Win alleen zaad van de beste planten.

Ziekten en belagers

Als bij andere kolen: witte vlieg, koolvlieg (gebruik koolkragen: stuk asfaltpapier of tapijt op de aarde rond de stam), koolwitjes en dan met name de rupsen. Meeldauw. Knolvoet, een zeer infectueuze bodemschimmel, die verdikkingen aan de wortel(s) veroorzaakt. Tot en met 2007 hebben wij geen significante last gehad van al deze aandoeningen. Tussen de kolen planten we agastache cana (anijsplant) die met zijn typische geur de koollucht moet verdoezelen om zo koolminnende insecten te misleiden. Een enkele keer moeten we rupsen plukken.

Literatuur: [1] Food Plants of the World; [2] Handboek Ecologisch Tuinieren; [3] Planten voor Dagelijks Gebruik; [4] Groente & Fruit Encyclopedie; [5] Wikipedia 22-12-2007

Een reactie plaatsen

Verschijnt een à twee keer per maand. Met een breed scala aan onderwerpen uit het groenere leven en lekkere recepten.

Kijk in ‘spam’ of ‘reclame’ wanneer u niet binnen een paar minuten een e-mail ontvangt.