Oorspronkelijke versie: 25 februari 2011, herzien en uitgebreid 21 juli 2026
Leestijd: 14 minuten
Inhoudsopgave
Basella alba / basella rubra
Malabar spinazie, (rode) basella, Surinaamse spinazie (Nederlands); Malabar spinach, Ceylon spinach, Vietnamese spinach, (red) vine spinach, Gambian spinach, Malabar nightshade, broad bologi, Indian spinach, Surinam spinach, phooi leaf, creeping spinach, climbing spinach (Engels); Malabar Spinat, Indischer Spinat (Duits); Baselle blanche/rouge, brède de Malabar, épinard Indien, brède d’Angola, epinard blanc/rouge de Malabar (Frans); espinaca de Malabar, espinaca china (Spaans); basella bianca/rossa (Italiaans);
In de zomer van 2009 proefden wij rauw blad bij Maria van Maanen in haar Om De Tuin. Het was zo fris, stevig, sappig, knisperig, het vocht spatte in de mond uiteen. Een prachtige smaakherinnering – of beter: mondbeleving. Dus dat willen wij ook in onze tuin!
Malabar spinazie is geen echte spinazie (Spinacia oleracea), maar het bladgroen wordt bereid als spinazie. (Dat geldt bijvoorbeeld ook snijbiet en Nieuw-Zeeldandse spinazie.) Het is een klimmer, die qua gedrag wel wat van haagwinde weg heeft, en goed gedijt in warme, vochtige zomers. In temperaturen waar de normale spinazie subiet schiet. Er zijn twee soorten: met groene stengel, groene bladeren en witte bloemen (B. alba) en die met rode stengel, groene bladeren en ietwat roze bloemen (B. rubra). En, omdat het een zeer Aziatische groente is, gooien we er een aantal namen uit die regio tegenaan:
Pui Shaak (পুঁই শাক), poi (Bengaals); saan choy, shan tsoi, luo kui, shu chieh, lo kwai, 落葵 (Chinees); tsuru murasa kai of tsuru murasaki (Japans); mong toi (Vietnamees); paag-prung (Thais); genjerot, jingga, gendola (Indonesisch); alugbattie (Filippijnen); mboga buterezi (Swahili);
Naam
Malabar is is de naam voor het kustgebied in het zuidwesten van India. Spinazie spreekt voor zich, d.w.z. de wijze waarop het blad wordt gebruikt. Basella is afgeleid van de Zuid-Indiase naam Basale, die Hendrik Adriaan van R{h}eede tot Drakestein in zijn 12-delige Hortus Indicus Malabaricus (van 1678 tot 1703 verschenen) als zodanig had vastgelegd en door Linnaeus is overgenomen. [5 EN] Alba is wit en rubra is rood.
Plant
Malabar spinazie, behorend tot de familie Basellaceae, is een 1 tot 9 meter hoge, kronkelende en rijk vertakte, kruidachtige plant met heen en weer gebogen, groene of rode, onbehaarde stengels. De afwisselend geplaatste bladeren bestaan uit een bladsteel en een bladschijf. De bladsteel is 1 tot 3 centimeter lang. Het eenvoudige, gaafrandige, vlezige blad is bij een lengte van 5 tot 15 centimeter en een breedte van 4 tot 12 centimeter langwerpig of breed-eivormig. [5 DE]
De stengel van B. alba is dikker dan die van B. rubra [15].
De zijdelings staande, aarvormige bloeiwijze is 3 tot 15, zelden tot 20 centimeter lang. Onder elke bloem bevinden zich telkens twee langwerpige schutbladeren. De relatief kleine, tweeslachtige bloemen zijn wit, rood, roze of zelfs paars. De vijf meeldraden zijn aan de basis vergroeid met de bloemhuls. De meeldraden zijn wit en de helmknoppen geelachtig. Drie vruchtbladen zijn vergroeid tot een bovengestelde, enkelkamerige vruchtbeginsel. De stijl eindigt in drie stempels. [5 DE] De kans is vrijwel nihil dat het in de Lage Landen tot vruchtvorming komt. Maar als, dan zijn het kleine dikke glanzende steenvruchten, die verschillende kleuren kunnen hebben.
Het sap is onschadelijk en wordt gebruikt als kleurstof voor levensmiddelen (voornamelijk van B. rubra). De planten worden medicinaal gebruikt.[9]
Historie
Waarschijnlijk is Malabar het gebied van oorsprong. Dat is het 845 km lange kustdistrict in het noorden van de huidige Indiase deelstaat Kerala. De Malabar kust is de historische route waarlangs allerlei kruiden werden vervoerd. Malabar spinazie komt eigenlijk in heel zuidoost Azië voor. Het is een neofyt in tropisch Afrika en Azië, in China en Taiwan, in Nieuw-Guinea, in Zuid-Amerika (Ecuador), in Panama, op de Caribische eilanden en op eilanden in de Stille Oceaan [5 DE] Vermoedelijk is de plant door Spaanse en Portugese slavenhandelaren over andere tropische delen van de wereld verspreid [8]. Dit wordt bijvoorbeeld gestaafd doordat het in Manaus in de deelstaat Amazonas van Brazilië een gangbare groente is “[….] another leaf vegetable linked to the African diaspora.” En het wordt (soms) in heel Brazilië gegeten, bekend onder de naam bertalha. [20]


De plant komt (vermoedelijk) van oorsprong uit de tropisch warme streken in zuidelijk Azië, vooral India, Sri Lanka (Ceylon) en Bangladesh. Van daaruit Maleisië, Vietnam, de Filippijnen, (Indonesië) en China. En van daar is de oversteek gemaakt naar Afrika, de Caraïben en Zuid-Amerika.
Malabar spinazie wordt in de 19e eeuw volop in India en dan met name de gebieden Assam (Noordoost India, rechts van Bangladesh) en zuidelijk Bengalen (links van Bangladesh), geteeld. In Bengalen heeft bijna elk dorp er wel een heg van. De paarse stengels van de klimplant worden gebruikt voor kleurstof voor kleding.
In Vegetables in South-East Asia 24] wordt er uiteraard aandacht aan besteed. Alom geteeld in Azië, van origine uit India maar ook al heel lang in China geteeld, waar het voornamelijk om de bessen gaat: als gedroogd eb verpoederd wordt het gebruikt voor o.a. schmink (rouge), in de voedingsindustrie en als (stempel-)inkt.
Europa
Er is niet veel te vinden over de introductie van Malabar spinazie in Europa. Malabar spinazie wordt (uiteraard) commercieel geteeld in de aangegeven landen en gebieden, maar ook in Mexico en zuidelijke VS.
In Beschryving van de Moes- en Keuken-Tuin van Johann Hermann Knoop (1769) komt Malabar spinazie niet voor. En ook niet in het Groot Warmoeziers Handboek van T.F. Uilkens (1855). Dat is niet zo vreemd, daar en een subtropisch gewas is. Maar ja, ananas teelde men wel.
In The Gardeners Dictionary (1768) van Philip Miller, lezen we dat hij twee soorten zaden heeft gekregen van ene dr. Jussieu uit Parijs. Hij heeft het niet over het eten van het blad; en “From the berries of the firt sort, I have seen a beautiful colour drawn [….].
Malabar spinazie is vermeld in ‘Landwirthschaftliche Flora oder die nutzabren kultivirten Garten- und Feldgewächse Mitteleuropa’s‘ (1866) van Dr. Friedrich Alefeld. Het wordt aangeprezen als een ‘rijk dragende fijne groente’ mits tegen een warme muur geteeld.

Frankrijk
In Frankrijk is het gewas in de 19e eeuw al bekend [8]. In deel 2 van Manuel Complet du Jardinier (1825) van Louis Claude Noisette, zijn Basella alba en B. rubra opgenomen. Net als in Horticulteur Francais van Pirolle (1824). Het zou in 1688 in Europa zijn geïntroduceerd en in 1691 vanuit Frankrijk in Engeland. [22]
Het kwam in Frankrijk via de DOM (départements d’outre-mer) – overzeese gebiedsdelen, zoals Réunion, een eiland, oostelijk van Madagaskar, in de Indische Oceaan en een heus Frans Departement. Het wordt daar op grote schaal geteeld en het heet brède gandole of brède tali. Vermoedelijk is het door de Indiase gemeenschap meegenomen in het kader van het ‘engagisme’ – in het Nederlands: contractarbeid.
Baselle Blanche en Baselle Rouge staan ‘gewoon’ in Vilmorin’s Les Plantes Potagères (1883) [19] en ook bij de teeltbeschrijving in Dictrionnaire Vilmorin des Plantes Potagères (1946), zij het beknopt. In [21] is er sprake van dat de teelt in Zuid-Frankrijk succesvol is.

Kamerplant
Malabar spinazie bereikte Europa voor het eerst in 1688 en werd in Engeland in 1691 gekweekt. Vermoedelijk niet in de moestuin. Vast staat dat het in Franse tuinen tussen 1824 en 1829 wèl als een groente werd geteeld en in 1839 haalden de Fransen een betere variëteit in China. Daar waar druivenstokken gedijen, gedijt ook Malabar spinazie.
Maar B. rubra is bij ons misschien beter bekend als kamerplant.
Culinair
Het jonge blad en de stengels worden gebruikt als spinazie. Dus en/of ook: soepen, rauw in salades, roerbakken. Maar niet te lang verhitten of koken, anders wordt het slijmerig. Dit geldt m.n. de stukjes stengel. Slijmerige groenten is voor “ons Westerlingen” niet gewoon.
De groene Malabar spinazie blijft bij verhitting mooi fris groen, de rode verliest veel van haar kleur en wordt daardoor minder aantrekkelijk. De stengels smaken licht bitter. De bladeren hebben een zeer milde tot geen smaak. Andere bronnen vinden het wat van basilicum hebben – maar de ene basilicum is de andere niet – of zelfs licht zuur.
Ook de vruchten zijn eetbaar, maar eet ze jong, dan zijn ze lekkerder dan rijp. In [18] lezen we dat men er vruchtensap van maakt en het blad gebruikt voor thee (dus een tisane).
Heilzaam
Ook al hebben we er geen echt wetenschappelijk onderzoeksrapport kunnen vinden dat aan de volgende claims ten grondslag ligt, het is wel zo dat planten en oude geneeswijzen vaak als uitgangspunt voor de farmaceutische industrie gelden. Dus, ter kennisgeving:
- Jonge bladeren werken enigszins laxerend, helpen tegen maagpijn en constipatie na de bevalling.
- Het rode vruchtensap wordt als oogdruppels gebruikt tegen conjunctivitis (bindvliesontsteking).
- Fijngewreven blad wordt in Kenia op wonden gelegd. Het zou ook zwellingen verminderen en tegen acne werken.
- In zijn algemeenheid wordt in Oost-Afrika blad aan het vee gegeven en dat verhoogt de melkproductie. Misschien ligt daar een relatie met de Nigeriaanse overtuiging dat het de vruchtbaarheid van vrouwen verbetert.
Malabar spinazie wordt al sinds de oudheid gebruikt voor de behandeling van diverse aandoeningen, namelijk als middel tegen kanker, virussen, oxidatieve stress, ontstekingen, een hoog cholesterolgehalte, maagzweren, bacteriën, hypoglykemie, ter bevordering van wondgenezing en als androgeen. [15]
Bewaren
In de landen van oorsprong maakt men er bij het oogsten gelijk bossen van, om verwelking te remmen. Door het hoge vochtgehalte van bladeren en stengel, zijn ze een dag te bewaren bij 20 tot 30°C. Langer bewaren kan in het groentevak van de koelkast. (Wij zouden ze daar in ruime plastic zak bewaren, om het vocht te bewaren.)
Voedingswaarde
Malabar spinazie kan in plaats van gewone spinazie worden gebruikt, aangezien deze een vergelijkbare voedings- en geneeskrachtige waarde heeft [15]. Per 100 gram gekookte Malabar spinazie [16][17]:
| calorieën | 23 kcal |
| water | 92,5 gr |
| eiwitten (proteïne) | 2,98 gr |
| vet (lipiden) | 0,78 gr |
| koolhydraten | |
| voedingsvezel | 2,1 gr |
| suikers | |
| disachariden | die, als ze er zijn, vormen een onderdeel van de koolhydraten |
| mineralen | natrium 55 mg; kalium 256 mg; calcium 124 mg; magnesium 48 mg; fosfor 36 mg; ijzer 1,48 mg; koper 111 µg; zink 300 µg, mangaan 255 µg; selenium 0,9 µg |
| Vitaminen: | |
| Retinol (A) | 0 µg, 1169 IU |
| thiamine (B1) | 106 µg |
| riboflavine (B2) | 129 µg |
| niacine (B3) | 787 µg |
| pantotheenzuur (B5) | 135 µg |
| vitamine B6 | 86 µg |
| folaten (totaal – B11/ B9) | 114 µg |
| cobolamines (B12) | 0 |
| ascorbinezuur (C) | 102 mg |
| vitamine D | 0 |
| vitamine E (alfa-tocopherol) | |
| Vitamin K (phylloquinone) | |
| Aminozuren | |
| Lipiden: | |
| Verzadigde vetten | 0 |
| Enkelvoudig onverzadigd | |
| Meervoudig onverzadigd | |
| Cholesterol | 0 |
Nul is ook een waarde. Wat onbekend is, is niet ingevuld
Gezondheidswaarde
De bladeren en de stengel bevatten slijmstoffen, waardoor ze er slijmerig kunnen uitzien wanneer ze van de plant worden afgebroken. Deze slijmstoffen vormen een uitstekende bron van oplosbare vezels, net als pectine in appels.
Teelt
In onze gematigde streken is het een eenjarige, zeer snel groeiende klimplant met zachte stengel. In warme gebieden is het een meerjarige – tot een hoogte van 500 meter, maar overleeft ook in gematigde klimaat op 2600 meter [6]. De plant produceert stengels tot wel tien meter lengte. Naar mate de temperatuur lager is, groeit ze trager. Reken in De Lage Landen op een meter of twee. Een beetje zoals bonen.
Kleine tuinen en balkons
Daar Malabar spinazie vooral de hoogte verkiest, is ze uitermate geschikt voor kleine tuinen. Maar ook in een ruime pot op een balkon.
Zaaien | Kruidachtige stekken en wortelstekken nemen kan ook. Maar dat is bij ons niet zo zeer van toepassing. Zaai midden april onder glas of in een kas, voorzaaien in potjes. Houd de grond vochtig, tot de zaadjes kiemen. Kiemt bij hogere temperaturen, rond de 20-25o C. Het harde zaad ofwel een nacht weken of aanschuren c.q. een beetje insnijden (“chippen”), opdat het vocht makkelijker indringt. Het zaad is niet allemaal even kiemkrachtig, dus zaai iets meer dan het aantal planten dat u denkt te willen hebben. |
Uitplanten | Als er geen kans op vorst meer is. Dus na de IJsheiligen en dat is 11-15 mei. De start is traag, maar zo ongeveer in juli, als het goed warm wordt, gaat Malabar spinazie ‘als een speer’. Je kunt Malabar spinazie in de volle grond in de kas telen. Vorstvrij overwinteren onder de 13oC gaat niet, kunnen we uit ervaring zeggen.. |
Oogst | 50-70 dagen na het uitplanten van de zaailingen. Indien ter plekke gezaaid, kan al na drie weken worden geoogst. Beter is de planten iets groeien (5-6 weken). In de professionele teelt houdt men ze kort. Knip iedere week, gedurende een maand of twee, de toppen met de jonge bladeren van 15-25 cm er uit. Strip niet te veel blad van de plant, daar dit de groei vertraagt. (Het oogsten van de toppen stimuleert ook weer de groei van vertakkingen.) Vruchtvorming juli – oktober, maar vooralsnog is in de Lage Landen de kans daarop zeer gering. |

Tip: Zo Malabar spinazie al gaat bloeien, neem dan de bloemen weg, dan produceert ze meer en betere scheuten.
Overwinteren: Je kunt aan het einde van het seizoen de plant sterk terugsnoeien en opgraven of stekken nemen en die in huis overwinteren. Als kamerplant.
Plantafstand
![]() |
klimmen als bonen (tent) in een lange rij: 20-30 cm in de rij; 60 – 100 cm tussen de rijen. |
![]() |
Als er in een tipi (dus vier of meer stokken die boven samenkomen) geklommen wordt, 40×40 cm.
|
Water
Rijkelijk en kan goed tegen hevige regenval. Je zou zeggen dat het ideaal voor Nederland is. Kan ook tegen een korte droge periode.
Bemesting
Malabar spinazie is niet kritisch, maar ze houdt wel van een compostrijke grond met veel stikstof. Dus in elk geval niet bij de bonen planten, wel op het bladgroentebed. Of apart. Houdt van een licht zure tot basische grond: pH 5,5 – 8 (1 is erg zuur, 7 is neutraal). En houdt erg van stikstof. (Dat zal niet verbazen, gezien de bovengrondse groeikracht.) Dus gooi uw koffieprut erbij.
Bodem & standplaats
Malabarspinazie groeit goed op diverse grondsoorten, het best in zandige leemgrond met voldoende vocht en een hoog gehalte aan organische stoffen.Volle zon, optimaal 20o – 35o C. Op licht beschaduwde plaatsen produceert ze meer sappige bladeren.
Rassen
n.v.t.
Zaadteelt
![]() |
Niet van toepassing, daar de plant hier niet in bloei komt. Het is een kortedagbloeier, dus als er meer dan pakweg dertien uur daglicht is, wordt niet gebloeid. ’s Zomers is het hier warm, maar ook lang licht. Mocht het wel in bloei komen en zaad geven: lees dit. |
Ziekten en belagers
In principe een vrij makkelijke en ongevoelige plant. Ook tegen insecten. Wel gevoelig voor wortelknobbelaaltjes. Een goede bemesting helpt daartegen. En natuurlijk het planten van Afrikaantjes – m.n. de lage soort. Die scheiden een geur af waar aaltjes een hekel aan hebben.
Literatuur: [1] Food Plants of the World; [2] Dreschflegel GbR Biologisches Saatgut; [3]Planten voor Dagelijks Gebruik; [4] Groente & Fruit Encyclopedie; [5] Wikipedia NL/DE/EN/FR juli 2026; [6] PROTA (Plant Resources of Tropical Africa vegetables), editie Vegetables (redactie: Wageningen UR); [7] Handboek Ecologisch Tuinieren (Velt) [8] The Oxford Companion to Food; [8] Wenig bekannte Gemüsearten, Freistaat Sachsen, Landesamt für Umwelt, Landwirtschaft und Geologie, 2017; [9] Flora of China; [10] Tropicos, juli 2026; [11] Kew POWO juli 2026; [12] Factsheet Malabar spinach, University of Guam; [13] Florida Cultivation Guide for Malabar Spinach, Yuheng Qiu en Guodong Liu, University of Florida; [14] Malabar Spinach, Matt Ernst, University of Kentucky, Center for Crop Diversification, CCD-CP-130; [15] An updated review on Malabar spinach (Basella alba and Basella rubra) and their importance, Ajay Chaurasiya c.s. Journal of Pharmacognosy and Phytochemistry, 19 februari 2021; [16] Content and distribution of flavonoids among 91 edible plant species, Ray-Yu Yang et al, 2008; [17] USDA FoodData Central, Legacy Data; [18] Compendium of forgotten foods in Africa, FAO, 2024; [19] Les Plantes Potagères, Vilmorin-Andrieux, 1883; [20] The Gradual Loss of African Indigenous Vegetables in Tropical America: A Review, Ina Vandebroek en Robert Voeks, 2019; [21] Revue de Botanique Appliquée & d’Agriculture Tropicale, 23ste jaargang, nr 263-265, 1943; [22] Sturtevant’s note on edible plants; [23] Cornucopia; [24] Vegetables in South-East Asia, G.A.C. Herklots, 1972;
De degelijke, getrouwe naslagwerken die we altijd raadplegen, laten ons hier in de steek. Een streep erdoor!



