De bodem is de basis

We volgden twee presentaties. Van Michiel Korthals en Gerlinde de Deyn. In wetenschappelijke kringen groeit de aandacht voor bodemkwaliteit. Omdat we nog zo weinig weten, is het een lastig te definiëren begrip. Maar één ding is duidelijk: bodem = leven.

Het was een korte informatieve sessie, georganiseerd door Slow Food Amsterdam en geïnspireerd door de film Kiss the Ground (die gaat over regeneratieve landbouw, waarin de bodem een cruciale rol speelt). Twee heel verschillende verhalen, door twee heel verschillende mensen, maar beide zeer verfrissend. Wat blijft hangen is dat we nog ontzettend (ONTZETTEND) weinig weten over de bodem. Soil – The Final Frontier.

De Groene Afslag

De Groene Afslag in Laren (in het Gooi) is een leuke plek, waar om de week een kleine markt georganiseerd wordt met allerhande kramen met etenswaren en aanverwante artikelen uit de groene hoek. Verder hebben ze er goede koffie (in eetbare bekers) en meerdere ruimtes voor vergaderingen of andersoortige bijeenkomsten. Daar waren nu dus ook lezingen georganiseerd.

Wij gingen eigenlijk voor de eerste lezing, van Michiel Korthals, emeritus hoogleraar in de filosofie en boer, van wie wij recent het boek Eetbare Natuur recenseerden. En we kregen de tweede lezing van Gerlinde de Deyn er gratis bij. Zij is hoogleraar bodemecologie aan de WUR, en zo vol enthousiasme voor haar vak, dat ze soms vergeet tussendoor adem te halen.

Michiel Korthals tijdens zijn lezing – eigen foto

Eten geven en laten eten

Wat een rijkdom aan ervaring en ideeën brengt Korthals mee. Dat was in zijn lezing gelukkig niet anders dan in zijn boek. Aan mooie quotes geen gebrek, en toch ook prettig vrij van duurdoenerij of andersoortige blabla.
Hij vertelt veel, maar komt uit bij zijn overtuiging dat het in de bodem-ecologie (en misschien ook wel in de bovengrondse ecologie) veel meer draait om, zoals hij het zegt: ‘Eten geven en laten eten’. Dus het oude adagium van ‘Eten en gegeten worden’ – oftewel het recht van de sterkste – gaat wat hem betreft op de helling.
De ecologie van een gezonde bodem is vol van samenwerking, uitruil, delen, symbiose. Wat wij nu doen, met onze intensieve landbouw, is de bodem en de samenwerking die zich daarin afspeelt volledig vernietigen.

“Er zijn allerlei verbanden die wij aan het doorsnijden zijn met zware machinerie, met kunstmest, waardoor de bodem degenereert.”

Terroir

Volgens Korthals is de bodem een zelforganiserend systeem, gericht op vernieuwing, circulair. Maar het mooie is dat de processen zichzelf organiseren zonder kern, zonder leider. En dat er een sterke plaatsbepaaldheid is, ook wel als ‘Terroir’ aangeduid. Per vierkante meter kan de bodem anders zijn. Net iets natter, net iets voedselrijker, waardoor er ook hele andere planten, dieren, bacteriën, schimmels enzovoorts in wonen. Bij de term terroir, zeker in wijnkringen, heeft men het van oudsher vooral over de fysieke bodemgesteldheid (bijvoorbeeld lemig of mineralig). Maar recent onderzoek laat zien dat het waarschijnlijk de schimmels zijn – in de bodem en op en in de druif – die in belangrijke mate de onderscheidende smaak van de wijn bepalen.

Gerlinde de Deyn tijdens haar lezing – eigen foto

De bodem is als het heelal

“De bodem is als het heelal,” zegt Gerlinde de Deyn. “We kijken ernaar maar we begrijpen er nog bar weinig van.” Natuurlijk weten we ook al wel het een en ander. De Deyn en haar vakgroep in Wageningen (en heel veel wetenschappers wereldwijd) doen volop onderzoek om die kennis uit te breiden. Maar ze zegt ook: “Bij twijfel niet inhalen.” We nog geen enkel beeld van de omvang, de reikwijdte van het bodemleven, dat het eigenlijk gekkenwerk is om allerlei technologie te verzinnen en zelfs toe te passen, die ingrijpt in de ecologie van de bodem. Want je maakt daarmee waarschijnlijk meer kapot dan je lief is.
Wat we al wel weten is dat in slechte, gedegenereerde bodems – bijvoorbeeld door de intensieve landbouw – als eerste de grotere soorten bodemorganismen verdwijnen. Wormen zijn het meest voor de hand liggende voorbeeld. Maar ook lange schimmeldraden, die zich over meters en soms zelfs kilometers kunnen uitstrekken, verdwijnen. Echter, wat we niet zien en wat we niet weten en kennen, kunnen we ook niet zien verdwijnen. En dat is dus zo gevaarlijk.

“‘Het gros [van het bodemleven] kunnen we niet kweken en we weten niet wat het doet.”

Waarschijnlijk is er al veel verdwenen. Zou het overdreven zijn om de analogie van de bovengrondse insecten in het boerenland door te trekken naar ondergronds? Bovengronds is in de afgelopen 30 jaar de hoeveelheid insecten met wel 80% afgenomen. Misschien is dat in de bodem ook wel aan de hand, onder invloed van kunstmest, glyfosaat, pesticiden, zware machines, enzovoorts.

Wat is een gezonde bodem?

Het is, in dit verband, fijn dat de EU steeds meer aandacht voor de bodem toont. Een gezonde bodem is expliciet onderdeel van de Green Deal.
Maar wat is eigenlijk een gezonde bodem? Wanneer is een bodem gezond? Europa vraagt om een indicator die gebruikt kan worden om het beleid te scoren. Maar de wetenschappers aarzelen: We weten zo weinig – zetten we wel de goede dingen in zo’n indicator? En: hoe ‘vangen’ we in een noodgedwongen sterk gesimplificeerde indicator de complexiteit en diversiteit van de bodem; dat terroir dat iedere vierkante meter weer anders kan zijn?

Maar het is goed dat er steeds meer aandacht is voor de bodem. Zonder bodem geen leven. Of nee, dat klopt natuurlijk niet. De bodem is integraal onderdeel van al het leven op aarde. Bodem = leven!

Plaats een reactie