Boommensen

Klein en krachtig boek over de relatie van de mens tot de planten en met name de bomen. We vermenselijken de natuur, eerst de dieren en nu we meer en meer weten dat planten ook gevoel hebben, ook planten. Wat betekent dit? Stof tot nadenken, voor de liefhebber.

Dit werk van emeritus professor Jozef Keulartz is niet dik, nog geen honderd pagina’s. Wij lazen eerder dit jaar ook al zijn boek ‘Dieren in ons Midden‘. Dat ging, tja, vooral over dieren. Dit keer schrijft hij over planten (inclusief bomen). Maar de thema’s zijn hetzelfde. Natuurbeheer in crisis. Strijd om de vierkante meter. Toenemende kennis over het leven en bewustzijn van organismen (niet zijnde mensen). Toenemende (mentale en fysieke) afstand van de meeste mensen tot de natuur, leidend tot ver-parking en ver-kleutering. En escapisme – dwepen met de natuur – van een groeiende groep burgers, tegen een achtergrond van nepnieuws en roeptoeterende influencers die niet gehinderd worden door enige kennis van zaken. Lastig om dan kalm en erudiet te blijven uitleggen hoe het zit. Maar dat is precies wat Keulartz doet.

Keulartz bouwt zijn betoog zorgvuldig op. Hij legt eerst in een aantal hoofdstukken uit hoe door de jaren de aandacht verschoof van mensenrechten naar dierenrechten, en uiteindelijk naar plantenrechten. Dit komt deels omdat er steeds meer bekend wordt over hoe planten functioneren – bijvoorbeeld dat ze zich bewust zijn van hun omgeving. Respect voor plantaardig leven staat steeds nadrukkelijker op de agenda. Het lijkt ons goed dat planten, net als dieren, niet meer als machines of volledig ‘dode’ dingen worden bejegend. En ook dat wij onszelf als mensen minder nadrukkelijk boven al het andere leven plaatsen, maar meer ertussen.

TitelBoommensen – Over nut en nadeel van de humanisering van de natuur
VanJozef Keulartz
UitgeverNoordboek
ISBN978 90 5615 660 2
VerschenenOktober 2020
Prijs€ 14,90
Verkrijgbaar bijAlle boekhandels en indien u online wenst te winkelen, raden we deze aan. Dan verdient de echte boekhandel zelf ook nog iets.

Permacultuur en voedselbossen

Cleve Backster registreerde reacties van planten met de leugendetector

Dat leidt tot een interessante bespiegeling over voedselbossen en permacultuur. Wij spitsten onze oren, want onze eetbare siertuin is natuurlijk ook een voedselbos. De hernieuwbare delen van vaste planten – die je kunt plukken of oogsten terwijl de plant doorleeft – zou je dan als geschenk van een plantaardig wezen kunnen accepteren, en met een gerust geweten kunnen eten. Voor eenjarigen – die het grootste deel van onze voedselvoorziening verzorgen – geldt dat niet. Die oogsten wij immers volledig, en we houden hun zaden voor onszelf. Anderzijds: Vanuit evolutionair perspectief zijn eenjarigen enorm succesvolle soorten geworden, juist door zich door ons mensen te laten domesticeren. Tarwe, bijvoorbeeld, groeide uit van een gras dat voorkwam in Oost-Turkije en Irak, naar een gewas dat massaal en in de hele wereld geteeld wordt.

Boomknuffelen

Bomen nemen een speciale plek in het debat in. Keulartz laat zien dat dat niet van vandaag of gisteren is. Bomen worden altijd al door mensen vereerd. De verbinding tussen aarde en hemel, bijvoorbeeld, is een boom. En ook nu maken bomen emoties los, vooral als er gekapt moet worden. Een groot deel van de Nederlandse burgers wijst het kappen van bomen onvoorwaardelijk af, zelfs als er goede redenen voor zijn. Beleidsmakers of terreinbeheerders slagen er niet altijd in om hun uitleg goed voor het voetlicht te brengen. Mensen meten daarbij soms met twee maten: Kappen met Kappen! Maar, o wee, als er een boomtak op een auto valt, schande, dan had die vieze rotte oude boom natuurlijk veel eerder aangepakt moeten worden. Keulartz vindt dat onvoorwaardelijke afwijzing van iedere vorm van houtkap in Nederland een bedreiging is voor ecologisch verantwoord natuurbeheer. Natuurlijk moeten we kritisch zijn, en er mag best wat meer bos bij in ons kale landje. Maar de kleinschalige rijkdom van de Nederlandse natuur is niet gebaat bij rücksichtslose (her)bebossing.

Half-natuur is hard werken

In Nederland is geen echte wilde natuur (die je vooral zoveel mogelijk met rust moet laten); mogelijk met uitzondering van het Waddengebied. De rest van Nederland bestaat uit half-natuurlijke landschappen, die in de loop van duizenden jaren ontstaan zijn door samenspel van landschap, bodem, vegetatie, dieren en mensen. Een kleinschalige lappendeken met een ongelofelijke rijkdom aan natuurwaarden en biodiversiteit was het resultaat. Gedeeltelijk hebben we die rijkdom al verpest door ruilverkavelingen, wegen en woonwijken. Maar om het overgeblevene te behouden is regelmatig menselijk ingrijpen nodig. En dat is hard werken.

Landgoed Mariëndaal. Eigen foto.

Plaats een reactie