Tuinbonen

Vicia faba

Labboon, molboon, paardeboon, Roomse boon, veldboon (Nederlands); broad bean, fava bean, horse bean (Engels); Ackerbohne, Favabohne, Dicke Bohne, Puffbohnen, Pferdebohne (Duits); fève (Frans); fave (Italiaans); haba (Spaans)

Merk op dat deze plant weliswaar boon heet, maar geen zusje van de uit de Nieuwe Wereld afkomstige sperziebonen, snijbonen enz. Die heten phaseolus vulgaris en zijn pas na 1550 in onze contreien terecht gekomen.

Historie

Het is een van de oudste cultuurgewassen, tezamen met de linze en de kikkererwt, werden ze zeker 6000 v. Chr. geteeld. Er is geen natuurlijke, wilde versie van de tuinboon (meer) bekend. De oudste overblijfselen dateren van ca. 5000 v. Chr. rond Jericho [1]. (De Duitse Wikipedia spreekt van een nederzetting uit de steentijd nabij Nazareth en van rond 6000 v. Chr.) We kijken niet op duizend jaar.   Vanuit deze Eurazische streken is de boon naar Europa, Afrika en Azie getrokken. De Egyptenaren teelden het langs de nijl en maakten er o.a. al falafel van. De boon had een schier bovennatuurlijke status vanwege zijn voedzaamheid (en vermoedelijk favisme – zie ‘in de bonen zijn’). Egyptische priesters aten geen tuinbonen. Bepaalde bevolkingsgroepen werd het verboden deze boon te eten.
Farao Ramses III schijnt ooit bijna 12.000 vaten of vaatjes tuinbonen aan de God van de Nijl te hebben geofferd. Het is wellicht overbodig te zeggen dat de groente bekend was bij de Grieken en Romeinen. In De re coquinaria , het kookboek van Apicius, komen twee recepten voor met tuinbonen.


Pythagoras

We kennen Piet van de stelling a2 + b2 = c2. Maar dat is niet het enige: Pythagoras was vegetariër en had een uitgesproken hekel aan tuinbonen. Ze zouden winderigheid opwekken, te veel op testikels lijken, ze zouden teveel op menselijke hoofden lijken èn huisvesting bieden aan de zielen van de doden (zie hierna bij Allerzielen). Aangezien deze Griekse wijsgeer veel volgelingen had, raakte de tuinboon behoorlijk in ongenade.

Romeinse wisselteelt

Stikstofknolletjes aan de wortels (c) Commons Wikimedia, Rasbak

Aardig detail is dat de Romeinen terughoudend waren met het eten van de tuinbonen vanwege het favisme. Toch werden ze geteeld, omdat men wist dat tuinbonen en andere vlinderbloemigen stikstof in de grond vastlegden. De Romeinen kenden dus al een vorm van wisselteelt – stukken grond werden een jaar braak gelegd of men teelde er tuinbonen.

De tuinboon was, met de pastinaak, het basisvoedsel voor heel Europa. Elke (stads-)boerderij teelde het. Iedereen at het. Het is rijk aan eiwitten en zetmeel.

Tot de aardappel kwam.

Nylandt’s boek

In De Nederlandtse Herbarius of Kruydt-Boeck van Nylandt, wordt de boon op pagina 60, tweede deel, genoemd. Althans hij onderscheidt: de kleine of veldboon, de grote of Roomse boon en de Turkse bonen. De veldboon wordt beschreven als: met vierkante holle stelen, langs de stelen komen welriekende bloemen voor, de peulen zijn van buiten groen en van binnen met een wolachtigheid bekleed, waarin de bonen schuilen.
De Roomse bonen zijn gelijk aan de veldbonen ‘alleen dat sy in alles grooter zijn.’
De Turkse bonen blijken daarentegen klimmers, zij winden zich om de staken. We vermoeden dat dit dan toch de bonen uit de Nieuwe Wereld zijn. Dat kan, want de Herbarius dateert van 1682. Doch het hoe en waarom van het Turkse is vooralsnog onduidelijk.

De tuinboon komt voor in de werken van de meeste artsen-botanici uit die 16e en 17e eeuw. De afbeelding links is uit The Herbal (1633) van John Gerard. De afbeelding in het midden zou uit het Cruydt-Boeck van Rembert Dodoens uit 1618 zijn (toen was Dodoens al overleden) en rechts, de gekleurde, uit 1554. Er werd in die tijd veel geleend: de afbeelding in The Herbal is hetzelfde als die in het midden.

Sicilië

Op Sicilië heeft de tuinboon een speciale status. Het verhaal gaat als volgt: Tijdens de Middeleeuwen was er een lange periode van droogte. Dat leidde tot mislukte oogsten en honger. De bewoners baden tot de Heilige Jozef en smeekten om regen. (Jozef is de pleegvader van Jezus, want Jezus is immers uit de onbevlekte ontvangenis van Maria voortgekomen.) En het regende. Veel. De enige bonen die de droogte hadden doorstaan en gingen groeien, waren de tuinbonen. Sindsdien wordt op 19 maart, de dag van deze heilige, op Sicilië met tuinbonen gevierd: in de kerk op het altaar, maar ook bij festiviteiten en processies op die dag. (Als je op dit gegeven googlet, kom je eerder terecht in kerken in New Orléans (VS). Dat komt omdat daar, rond 1800, de Franse wijk voor 80% Siciliaans was/is.)

Op Allerzielen bakt men in veel Italiaanse regio’s taartjes in de vorm van een tuinboon, de zogenaamde fava dei morti (tuinbonen van de doden).


Culinair

De jonge peul wordt open geknepen en de bonen worden eruit gehaald. Rauw gegeten als een tapa of gekookt, gestoomd. Dubbel gedopte bonen zijn extra lekker: na even koken wordt het velletje van de boon gehaald. Dubbel gedopte bonen worden zo gegeten – in een gerecht – of gepureerd.

2230 GRAM ONGEPELDE TUINBONEN LEVERT 730 GRAM BONEN. DUS GROFWEG EEN DERDE VAN HET GEWICHT.

Bewaren

Verse tuinbonen, in de peul, een week in de koelkast. Gedopte bonen verkleuren snel.
Gedroogde tuinbonen kunnen later worden geweekt en genuttigd. Net als droogbonen.

Voedingswaarde

Gedopte bonen, rauw, per 100 gram:

calorieën 341 kcal
water 11 gr
eiwitten (proteïne) 26,12 gr
vet 1,53 gr
koolhydraten 58,29 gr
voedingsvezel 25 gr
suikers 5,7 gr
mineralen calcium (103 mg), ijzer (6,7 mg), fosfor (421 mg); natrium (13 mg); kalium (1062 mg); magnesium (192 mg); zink (3.14 mg)
Vitaminen:  
vitamine A 3 µg
thiamine (B1) 555 µg
riboflavine (B2) 333 µg
niacine (B3) 2,8 mg (283 µg)
pantotheenzuur (B5)  
vitamine B6 0,366 mg (366 µg)
folaten (totaal – B11/ B9) 423 µg
cobolamines (B12) 0 mg
ascorbinezuur (C) 1,4 mg
vitamine D 0 mg
vitamine E (alfa-tocopherol) 50 µg
Vitamin K (phylloquinone) 9 µg
Aminozuren Alle 20 natuurlijk voorkomende komen in behoorlijk hoge mate voor. Van 247 mg (tryptofaan) tot 4,4 gr (glutaminezuur)
Lipiden:  
Verzadigde vetten 254 mg
Enkelvoudig onverzadigd 303 mg
Meervoudig onverzadigd 627 mg
Cholesterol 0 mg

Nul is ook een waarde, maar waar niets is ingevuld is onbekend.

Teelt

Zaaien Vorstbestendig. In januari/februari zaaien in de koude bak (bij gebrek aan koud glas in maart ter plaatse). Diepte 5 – 10 cm. De boom kiemt vanaf 5o C. In een koude bak: licht en niet te warm, anders worden de planten lang en slap.
Volkswijsheid: Men moet tuinbonen voor 19 maart (Sint Jozef) gelegd hebben.
Uitplanten (koud glas) in maart in de moestuin planten
Oogst in juni/juli worden de onrijpe peulen geplukt. Hoe later, hoe harder de huid van de boon en hoe meliger de boon

De planten worden ca. 120 cm hoog. In principe hebben ze geen steun nodig, maar de eigen ervaring leert dat op den duur meer dan de helft een stok ernaast heeft.

Plantafstand: 15 cm in de rij; 60 cm tussen de rijen. Ook wordt wel in dubbele rijen gezaaid, 20 cm van elkaar. En dan tussen de dubbele rijen 60 cm aanhouden.

Water: Bij droog weer rond de volle bloeitijd.

Tip: Neem na 6 tot 8 trosjes bloemen de kop uit de plant. Dan wordt ie minder aantrekkelijk voor luizen.

Bemesting

Op zandgrond matig compost (of mest). Op andere gronden geen, maar wel wat kali.

Bodem & standplaats

Alle grondsoorten. De grond moet wel genoeg vocht kunnen leveren. De tuinboon is nogal gulzig, voor een boon. Bij het uitplanten maak ik een voor waarin onderin een hoeveelheid compost komt. Dat is (a) voeding en (b) vochtvasthoudend. Maar ja, wij zitten dan ook op de armste zandgrond van Nederland.
Vanwege de kans op schimmelds: een vruchtwisseling van eens per vier jaar [4] of vijf jaar of ruimer [2]. (Wij hebben een zesjaars-schema.)

Rassen

Mrs Grief’s Brown Flowered

Oude rassen: Witkiem, Leidse of Lange Hangers, Driemaal Wit
Nieuwe rassen: Express (oogst in juli, is vroeg ivm de luisaantasting), Listra en Thalia blijven na het koken wit en zijn minder bitter.
(Wij hebben altijd Witkiem Major geteeld. In 2008 wordt dit Express. Waarom? Omdat Thompson & Morgan in mei zaad voor half geld wegdoet en we nu eens deze hebben gekocht.)
De laatste jaren vermeerderen we allerlei rassen voor de Heritage Seed Library. Dan eten we weinig tuinbonen. Een hele mooie is Mrs. Griefs Brown Flowerd – ja, met bruine bloemen.

Zaadteelt

Eind augustus. Tuinbonen zijn kruisbestuivers. Insecten doen het werk. Zet geen andere soort tuinbonen in de buurt, of je creëert een nieuw ras. De aanbevolen afstand tot andere tuinbonen is 1 km. Als de onderste peulen zwart worden, trek je de hele plant uit de grond. In schoven bijeen zetten of ergens beschut en warm ondersteboven ophangen om te drogen. Droge peulen barsten makkelijk open. Let op dat de bonen niet ‘bezet’ zijn door de larve van de tuinbonenkever. (Mooie kleine ronde gaatjes.) Lees hier meer

Kiemen
Er zijn witkiem en zwartkiem tuinbonen. Dat is dat “streepje” op de boon. Soms komt het voor dat de kleuren variëren: dat is niet zo best. Maar u weet dan in elk geval zeker dat het gekruist is met een ander ras.

Ziekten en belagers

Genoeg. Een paar belangrijke:
Vogels willen nog wel eens bonen uit de grond pikken. Diep planten. Of onder koud glas ‘voorzaaien’.
Zwarte bonenluis: kan een heuse plaag zijn. Vroeg zaaien is de beste preventieve maatregel. En verder de boon niet te droog laten worden, dus regelmatig gieten. Droogte trekt de luis aan. Combineer het met dille of bonenkruid.
Zwarte luis kunt u bestrijden met een mengsel van groene zeep en spiritus of onverdunde thee van rabarberblad (1 kg kleingemaakt blad overgieten met 5 liter kokend water en een uur laten trekken).
Schimmels: chocoladevlekkenziekte. Bruine vlekken en strepen. Door vochtig weer tieren de schimmels welig. Zet de planten niet te dicht op elkaar. (Daar is ie weer: WORD = Wide, Organic, Raised beds, Drainage.)
Tuinbonenkever: de larve verpopt in het zaad. Er is een klein rond gaatje zichtbaar. Het is over het algemeen geen grote plaag in de ecologische moestuin (aldus [2]).

Literatuur: [1] Food Plants of the World; [2] Handboek Ecologisch Tuinieren; [3] Planten voor Dagelijks Gebruik; [4] Groente & Fruit Encyclopedie; [5] Wikipedia 07-01-2008; [6] USDA National Nutrient Database for Standard Reference Release 28; [7] Scientific American 08-08-2012; [8] Kraut & Rüben

2 gedachten over “Tuinbonen”

  1. Beste mensen,
    Mooi, leuk en interessant artikel. Ik heb de in het artikel de oude rassen gezaaid. Tot dat ik de Karmazyn tuinboon een keer probeerde, wat een lekkere tuinboon. Adulce is bij mij 2 keer niet gelukt. Maar de soorten genoemd in het artikel ga ik proberen.
    Met vriendelijke groet,
    Arie Quist

    Beantwoorden
    • Aquadulce is bij ons wel (gewoon) gelukt. Misschien was het zaad al oud c.q. te lang te warm ergens gelegen. Er is een landelijk bekende zaadhandelaar die ooit de historische woorden sprak: ik verkoop zaad, geen kiemgarantie.

      Beantwoorden

Plaats een reactie

Verschijnt een à twee keer per maand. Met een breed scala aan onderwerpen uit het groenere leven en lekkere recepten.

Kijk in ‘spam’ of ‘reclame’ wanneer u niet binnen een paar minuten een e-mail ontvangt.