Een Kleine Eetbare Tuin

kleine-eetbare-tuinEen verrassend goed en compleet boek over het aanleggen van een kleine eetbare tuin. Met ontwerpoverwegingen en hulp bij de plantkeus. Een aanrader voor wie iets anders eetbaars uit zijn eigen tuin wil halen dan uit een klassieke moestuin.

De kleine eetbare tuin slaat werkelijk op kleine tuinen, zoals ze vandaag de dag vaak in nieuwbouwwijken worden opgeleverd. Het credo luidt: Maak er natuur van. Maak er eetbare natuur van!

Onze partner in onze Eetbare Siertuin, Anthonetta van Bergenhenegouwen, heeft dit boek eveneens kritisch doorgenomen en toonde zich aangenaam verrast. U moet weten dat Anthonetta van roemruchte kwekersfamilie stamt, is opgeleid tot hovenier en zich heeft gespecialiseerd in eetbare èn nutsplanten. Een metier dat veel tuinlui en hoveniers niet beheersen.

Omdat we dit boek behoorlijk goed vinden op het vlak van eetbare (sier)tuinen, hebben we het in onze boekwinkel opgenomen. We zijn geen boekhandel, maar goede boeken omarmen we.

TitelEen kleine eetbare tuin – met vaste planten + bijlage Eetbare tuinplanten-lijst
VanMadelon Oostwoud
UitgeverKNNV Uitgeverij
ISBN978 90 5011 540 7
Verschenenjanuari 2016
Prijs€ 21,95
Verkrijgbaar bijAlle boekhandels en indien u online wenst te winkelen, raden we normaliter de Libris-webwinkel aan. Dan verdienen de boekhandels zelf ook nog iets. Maar bij ons bestellen is net zo duur en betekent een beetje steun voor onze tuinen en ons werk.

10 kant-en-klare tuinontwerpen

Het boek verschaft zeer veel informatie, verspreid over diverse hoofdstukken. Daartussen, als lardering, zijn tuinen opgenomen en hun plantenlijst. We tellen:
Utrecht, 36 m2, met schaduw, halfschaduw en pakweg 50% volop zon
Almere, 68 m2, grotendeels in de zon
Den Haag, 48 m2, overwegend schaduw, beetje zon in de zomer
Camping, 60 m2, rond de stacaravan of het vaste huisje
Amsterdam, 30 m2, idem
Kruidentuin op driehoog, 12½ m2
Balkon, 6 m2
Dakterras, 25 m2, uiteraard zon
Ommuurde tuin, 36 m2, 50% zon
Stadstuin, 49 m2, nooit zon

Een kleine eetbare tuin - tuinontwerpDe meeste ontwerpen zijn oké. (Hiernaast die voor Almere.)
U kunt de ontwerpen en plantenlijsten zo kopiëren. Maar de lol is natuurlijk om iets zelf te ontwerpen. We hebben enige twijfel over de schaal van het ontwerp en de werkelijkheid. Het lijkt soms te vol zijn gepland/t. In het begin wil iedereen natuurlijk zo snel mogelijk resultaat en plezier. We willen geen vijf jaar wachten. Maar houd er rekening mee dat planten groeien. Alle planten. Zo lijkt het ons dat in de Haagse stadstuin iets te veel bomen zijn opgenomen. Okay, er zullen van elstar en peer misschien spilvormen zijn (dus dunne rechtopgaande boompjes), maar dan toch. En zowel een hazelaar als een cornus in een kruidentuin op driehoog, zal al snel het halve terras bestrijken.


Aan de slag

Een kleine eetbare tuin - grondtestVoor u een eetbare tuin gaat ontwerpen, is het handig eerst van een aantal uitgangspunten kennis te nemen. Anders gaat het mis: planten kunnen sterven en/of u blijft jaar in, jaar uit plagen bestrijden. En dat is niet de bedoeling.
Madelon Oostwoud behandelt daarom kort de natuur- en tuingeschiedenis. Het verfirssende eraan is dat ze dat anders dan in andere tuinboeken doet. Daarna gaat het, zoals in menig ander tuinboek, onvermijdelijk over de bodem en de verschillen. Op de dank-lijst achterin prijkt ook de naam Mark Siepman. Mark heeft gevoel voor humus en als hij zijn input heeft geleverd, zit het wel snor.
Er worden manieren beschreven waarop u zelf kunt testen hoe het met de grond is gesteld. Logisch gevolg van een grondtype is dat we het ook aan de planen kunnen zien die er groeien. Wilde planten zijn een goede indicator: Brandnetels wijzen op voedselrijke grond, zevenblad op zure grond, zuring op arme zure grond.


Plantgemeenschappen

Onvermijdelijk, maar het hoort gewoon in een boek als dit, wordt aandacht besteed aan de uitgangspunten van een bostuin: de zeven groeilagen. Of negen als er een waterpartij bij hoort – Oostwoud houdt het op zeven. U hoeft natuurlijk geen bos aan te leggen – en zeker in een kleine tuin is dat bizar, maar de principes voor een gezonde tuin gelden overal. En een boompje of twee? Mits ze niet te groot worden, moet dat kunnen. Leuk is de suggestie voor onderbeplanting in de boomspiegels (het deel van de tuin onder de kroon van de boom).


Waterplan

Een kleine eetbare tuin - fragment waterNa de beschrijving (ontwerp en plantenlijst) van de tuin in Almere behandelt de auteur het belangrijke aspect van water in de tuin. Water is de bron van het leven. Er kunnen tekorten zijn en er kan te veel zijn. Wat geldt in uw tuin? En hoe lost u dat probleem op?
Bij een tuin hoort ook een waterplan. En ook het aspect van water geven aan planten in potten wordt niet uit de weg gegaan. Heeft u er ooit aan gedacht om met een dik lont – of in elkaar gedraaid oud laken – vanuit een regenton diverse potten te bevloeien? Wij niet. Het is een originele, uitdagende gedachte.
Maar uiteraard komen ook meer traditionele systemen aan de orde.


Ontwerpaspecten

Een kleine eetbare tuin - plantenlijst dakterrasPotten en bakken zijn überhaupt een onderdeel van menig tuin – op het terras en al helemaal bij een dakterras dat als eetbare tuin is ingericht. Bijzonder praktisch is de tabel met gewichten van een gevulde pot. Een fikse pot met een diameter van 50 cm (en 50 cm hoog) bevat pakweg 95 liter grond en 5 liter water. Dan moet u rekening houden met en gewicht van rond de 100 kg. Opdat u het weet.
In het hoofdstuk ‘Tuinier op papier’ wordt de voorpret beschreven. Want wat is er nu leuker dan te bedenken hoe de nieuwe tuin wordt ingericht? Madelon beschrijft de aspecten van vaste elementen en natuurlijk ook het licht. En van hoogte, van wat er misschien al staat en mag blijven.
Het is geen dik hoofdstuk, maar wel zinvol. En daar gaat het om.
Even later, na twee tuinontwerpen om u aan te verlekkeren, komen ontwerpaspecten voor een (dak)terras en balkon aan de orde.

De laatste hoofdstukken van het boek zijn niet de minste. Naast de ideeen om een balkonton te vullen, worden in diverse paragrafen ontwerpoverwegingen en tips aan de orde gesteld, zoals stapstenen (en hoe deze zelf te maken), composteren (wat wel, wat niet – maak zelf een wormentoren), en zelf ‘fantastische potgrond’ maken.
Natuurlijk ontbreekt ook het zelf vermeerderen niet: zaaien, stekken, scheuren, afleggen. Maar ook snoeien.
Dieren in de tuin zijn erg nuttig. Vooral dieren die plaagdieren verorberen of anderszins bestrijden. En als die er niet zijn of in onvoldoende aantal, dan heeft Oostwoud nog wat tips om op andere wijze koolwitjes, vliegende mieren, luizen et cetera te verdrijven.


Tabellen en 200 planten in een bijlage

De laatste pagina’s zijn gevuld met tabellen en overzichten. Van plantfamilies, van kiemgroenten – ja, er is veel meer dan alfalfa – en in een bijlage dat los kan worden gebruikt, een overzicht van meer dan 200 vaste eetbare planten. In woord en beeld.


Verwijzingen en referenties

Een kleine eetbare tuin - fragment plantenlijstMadelon Oostwoud heeft zich duidelijk in de wereld verdiept. En dat is alleen maar goed. Waar wij bij recensies van diverse boeken meestal alleen Vreeken’s Zaden zien als zadenleverancier, staan er in dit boek een stuk of twintig vermeld. Hé ja! Ook wij als zadenleverancier – nou ja, we hebben een bescheiden aanbod, maar wel aardig van de auteur.
In het overzicht van tuinen om te bezoeken worden er een stuk of vijftien vermeld – daar staan De Tuinen van MergenMetz niet bij, terwijl we juist in de eerste plaats de boodschap willen verkondigen. Zaden verkoop is voor ons om de onkosten wat te dekken.
Maar goed, dat is voor de tweede, herziene druk. Want we denken dat dit boek wel herdrukt gaat worden. Eetbare Siertuinen zijn net een beetje in opkomst.
Het overzicht wordt gecompleteerd met een literatuurlijst.
Een echte index op trefwoord, zoals te doen gebruikelijk, ontbreekt. De vervangende aanpak is wel origineel: Het is verwerkt met een begrippenlijst die veelal direct verklaart maar in andere gevallen verwijst naar een pagina of sectie in het boek. 


Enkele kanttekeningen

Niet uit het boek van Oostwoud, maar dit laat zien dat mayer of majer al een heel oud Nederlands gewas is.
Niet uit het boek van Oostwoud, maar dit laat zien dat mayer of majer al een heel oud Nederlands gewas is.

In de bijlage met 200 vaste planten, staat op pagina 21 bij de daglelie een afbeelding van een gewone (giftige) leliebloem.  De foto van de gladiool op pagina 22 is o.i. iris barbatus

. Op pagina 29 staat de  Kleine Majer. Dat is een eenjarige. Desalniettemin is het aardige aan deze plant dat het een inheemse amaranth is. Heel de wereld eet amaranthblad als spinazie, behalve in Nederland. Ze wordt o.a. genoemd in De Nederlandtse Herbarius of Kruydt-boeck (1682) van Nylandt.
Bij de hop mag heus wel staan dat de toppen van de plant uitstekend eetbaar zijn (zie o.a. hier). En de vruchten van de gele kornoelje (cornus mas) worden omschreven als dat ze lijken op aardbeien – dat zijn de vruchten van de cornus kousa. De foto toont evenwel de juiste vruchten (lijken op rode olijven). Op bladzijde 128 staat onderaan een voetnoot dat de Chinese dadelboom (ziziphus jujuba) en Japanse dwergkwee (chaenomeles japonica) niet echt winterhard zijn. Geen zorgen, dat zijn ze wel. Ach, het zijn kleinigheden. Niemand is perfect en niets menselijks is ons vreemd. Ook Madelon Oostwoud niet.


Over Madelon Oostwoud

De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat, voor ons, Madelon uit de lucht kwam vallen. Figuurlijk uiteraard. Het is, in de serieuze wereld van eetbare tuinen en plantenkennis, toch een beetje ons-kent-ons. We lezen op de achterkant van het boek over de auteur:
 “Madelon Oostwoud is stylist en ontwerper. Ze schreef verschillende hobbyboeken

en tuiniert al meer dan 20 jaar op 5 x 6 meter.” 
Welnu, ze heeft nu een uitstekend tuinboek afgeleverd dat gebaseerd is op uitgangspunten die wij zelf ook van harte onderschrijven.

 

2 gedachten over “Een Kleine Eetbare Tuin”

  1. DUBBELGROEN is een tuinontwerpwinkel in Amsterdam. Wij ontwerpen stadse tuinen. Vooral gericht op buurt-projecten. Daar gebruiken we veelal eetbare planten. Madelon Oostwold geeft op 12 maart een workshop in onze ontwerp-ruimte. Ze heeft echt een goed leesbaar boek geschreven.

Plaats een reactie

Verschijnt een à twee keer per maand. Met een breed scala aan onderwerpen uit het groenere leven en lekkere recepten.

Kijk in ‘spam’ of ‘reclame’ wanneer u niet binnen een paar minuten een e-mail ontvangt.