Wij waren in de Morvan

We waren de laatste week van juli in de Morvan. Een streek in Frankrijk waar we veel van hadden gehoord en nog niet kenden. Het heet niet voor niets Parc Naturel Régional du Morvan. Het blijkt een schatkamer van rust en natuur. Een bewaarplaats van biodiversiteit.


Oh humor. We hadden nog geen twee weken daarvoor ons vierde artikel voor het Velt magazine Seizoenen ingeleverd, waarin we plagend schrijven dat de ware moestuinier niet in de zomer op vakantie gaat, of wij besluiten de laatste week van juli een korte vakantie te nemen. Voor het eerst in vijftien of zestien jaar dat we in de zomer zijn weggegaan.

Razou met een pijl naar de B&B

Door de geschiedenis heen is het een bijzonder gebied dat, voor wat betreft de bevolking, perioden van leegloop en aanwas kende. Nu is het er een van leegloop van Fransen (of versterving) en aanwas van met name Nederlanders die er voor de rust en natuur komen wonen. Het park is bestuurlijk een grote gemeente die vroeger 180.000 inwoners telde en thans circa 35.000, waarvan pakweg 5.000 Nederlanders

.

De reistijd van midden Nederland naar daar is pakweg zeven uur, dus in een dag makkelijk te halen. Eind juli was het er, toeristisch gezien, rustig – je loopt absoluut niet over de hoofden, noch dat je in rijen staat. Mooie wandelingen en grote meren. Maar menigeen gaat aan de Morvan voorbij op weg naar Côte d’Azur, Provence of Jura.


Onze B&B

We hebben met veel plezier gelogeerd in/bij Le Moulin de Razou. Een kleine, leuke logies met ontbijt (B&B tegenwoordig), met een heuse, dag en nacht draaiende watermolen in de tuin. Buiten is dat een rustgevend geluid, binnen hoor je er niets van.
Het telt drie, niet al te grote kamers, maar met douche en wc. Meer heb je niet nodig, in de Morvan blijf je niet op je kamer zitten. Beneden is een gezellige algemene ruimte. Geen kinderen en als u er bent, begrijpt u waarom. We kregen een puik ontbijt – wel Frans, dus jams of marmelades. Gastvrouw Jackie (Française) en gastheer Miguel (Vlaming) zijn vriendelijk, hartelijk en kennen de omgeving. Miguel kan uitgebreid verhalen over de Morvan en is ook gids in dit gebied.


Wij hebben in de Morvan prachtige wandelingen gemaakt waarbij we ons soms in een vlindertuin waanden. Gezwommen in een van de meren, musea bezocht – o.a. Chateau Bazoche waar Vauban woonde en Bibracte, een oude Keltische nederzetting – en veel geocaches opgelost. (Voor ons is geocaching dè ideale manier om een gebied op andere wijze te leren kennen.)


Uit eten in de Morvan

De Morvan is een deel van de Bourgonge. Dus geen gebrek aan goede wijn, escargots en puike kazen (o.a. epoisses en comté). Het lokale rund is de charolais, een witte koe. Omdat de streek niet erg toeristisch bleek, is dat vermoedelijk de verklaring dat er over het algemeen geen bruisend café- en restaurantleven is. Maar er zijn pareltjes. De grootste ontdekking is Auberge Gacogne.


Auberge Gacogne

Deze auberge is in de voormalige pastorie van de kerk in Gacogne, een hooggelegen mini dorpje in de buurt van Brassy, gevestigd. Twee jonge mensen uit Parijs, Bruno en Julie, zijn hier primo 2016 neergestreken. Het restaurant biedt plaats aan pakweg twintig gasten en Julie kookt innovatief en gedurfd. Een andere vorm van haute cuisine met groenten in de hoofdrol. Het kent elke dag een ander menu met alleen keus uit desserts. Zo is dinsdagavond vegetarisch. De prijs voor het menu is laag. Maar niet daarom aten wij er die week twee keer.


Dinsdag vegetarisch
Het voorgerecht is een taartje van boekweitdeeg, gevuld met auberginepuree, daarover een streek pesto en vervolgens plakjes courgette. Links en rechts wat kiemgroenten van prei en biet. Origineel. Ziet er leuk uit. De auberginepuree had o.i. ietwat meer pit mogen hebben, maar daardoor was het niet minder smakelijk.


Een mooi bord met vele, doch fraai harmoniërende smaken. Erg lekker. Groenten als broccoli, gegrilde paprika (rood en geel), verse tomaten en ook zongedroogde, mesclun, bietenhumus, een plak aubergine, kappertjes, komkommer kietelen onze smaakpappillen. Met een half pitabroodje als een baken in het midden. Voorts twee soorten falafel: een met kikkererwten en kruiden zoals we die kennen. De andere eveneens, maar als verrassing een stukje comté-kaas erin.


Mrs. M koos de prachtige glimmende chocoladetaart. Een lust voor het oog en, verrassend genoeg, vol van smaak. We gaan Auberge Gacogne voorstellen Kuná-couvertures te gebruiken, dat meer aromatisch en complexer van smaak. Dan moet het menu € 22 worden.


En dan die sublieme abrikozentaart, met de vruchten op een laagje gemalen noten. Om je vingers bij af te likken (en dat hebben we dan ook gedaan).


Vrijdag vlees en vis
De eerste gang is een salade met gerookte schelvis en veel groenten. Zuring, dille, postelein, de sla is andijvie, ei, kappertjes en rode ui. Die gerookte vis vormt een fraaie, verbindende rode draad. Zeer smaakvol.


Het hoofdgerecht is een stuk parelhoen van de lokale fokker in Lormes. Erop ligt een blad krokante boerenkool. Een en ander op een mousse van gepureerde wortels met een intrigerende smaak, dat bij navraag wat kurkuma en vooral kardemom blijkt te zijn. Op het bord liggen een paar diepbruine croutons, die verrukkelijk gekruid en iets zoetig zijn. Erg lekker. En niet te vergeten drie kleuren wortels.
“De wortels zijn mij te gaar,” zegt mrs. M “Maar het kan wel goed zijn. Misschien houden de Fransen van zachte wortels.”


Kaas sluit de maag, heet het in Franrkijk. De vorige keer hebben we geen kaas tussendoor besteld, nu wel. Van links naar rechts: comté, Brillat Savarin en epoisses liggen gebroederlijk naast elkaar.


Dit keer koos mrs. M voor de abrikozentaart en ik ditmaal voor de pannacotta die we vorige keer konden kiezen maar dat niet deden. Smakelijk en geen onvertogen woord over te zeggen.


Andere opties

Van de zes keer dat we uit eten zijn geweest, hebben we dus twee maal bij Auberge Gacogne gegeten, omdat het zo goed was. Rest vier. Andere aan te bevelen eetgelegenheden zijn het restaurant bij Saut de Gouloux en Le Chastellux in Chastellux sur Cure, naast het kasteel. Dat laatste hebben we niet bezocht, maar werd warm aanbevolen door Parijse gasten van onze B&B, die gekscherend werden omschreven met “die praten alleen maar over eten”. Dan nemen we hun aanbeveling graag ter harte.

Hieronder nog een dinerbeleving. De andere besparen we jullie.


Echt Bourgondisch
We willen graag zo veel mogelijk lokaal eten. Dus hier is dat Bourgondisch. De eerste avond – zondagavond – aten we bij Auberge Ensoleillée in Dun-les-Places. Het kende drie menu’s in drie prijsklassen. We kozen de middenweg.


Mrs. M koos voor de escargots. De slakken hadden hun huis hadden verruild voor een pasteibakje. Hoewel er op de kaart knoflook werd vermeld, miste mrs. M de smaak ervan. Escargots zonder knof, dat kan niet.


Ik koos voor de terrine met paddenstoelen. Uitstekend van smaak. Eén plak was echter meer dan voldoende geweest voor een entree, maar ja, Bourgondisch hè. Erbij werd een aardenwerk pot met kleine augurkjes erin op tafel gezet. En een houten tang om ze eruit te vissen. Dat was wel leuk.


Canard a l’orange voor mrs. M en, hoe verrassend, een bolletje sinaasappelijs erbij. Het geheel smaakte haar uitstekend.


De Boeuf Bourgignon (het bord midden) moet je in  de Bourgogne hebben gegeten. Een boerengerecht, in rode wijn gestoofd rundvlees, dat tot de haut cuisine behoord, met dank aan Escoffier die het pakweg honderd jaar geleden optekende.
Deze uitvoering smaakte goed, maar het was anno 2017 leuk geweest om het soort rund te kennen. Tien tegen een charolais.

De gebakken aardappelen hebben we nauwelijks beroerd, want alles was al zwaar genoeg.

De ratatouille was echter overgaar en papperig. Er bevonden zich wel een paar stukken aubergine die enige stevigheid hadden. Vermoedelijk later toegevoegd om het geheel wat op te pimpen.


Een vorstelijk kaasbord. Waarbij de namen van de kazen niet werden verduidelijkt. We mochten er onbevangen in hakken en van eten. Maar we gedroegen ons als fatsoenlijke gasten die niet gewend zijn aan all you can eat-maaltijden.


Mrs. M verkoos als dessert de chocolademousse.
“Precies zoals mijn vader die maakte,” zei ze (zie dit). En daaraan toevoegend: “Zou mousse zonder room typisch Frans zijn?”


De abrikozentaart werd vergezeld door een bolletje roomijs. Op zich een smaakvolle taart, maar ze haalt het niet bij die van Auberge Gacogne.


Toen we de volgende dag aan Jackie en Miguel duidelijk maakten dat het toch wel een zwaar hadden getafeld, luidde het antwoord: “Je wilde Bourgondisch. Dat is Bourgondisch.” Met een brede grijns.


Kort nog wat over de Morvan

Voor de (agrarische) industrie is het een onaantrekkelijk gebied. In feite is het een klomp graniet met een dunne humuslaag. Akker- en tuinbouw zijn nauwelijks mogelijk, veeteelt wel. Er lopen veel witte charolais koeien in weiden. Met kalveren erbij.
En er is enigermate bosbouw. Dat is het lot van de Morvan. Na de eerste wereldoorlog begon de leegloop en die duurt nog steeds voort c.q. de oude bewoners sterven. Huizen zijn er (dus) goedkoop. Maar de natuur is prachtig! Dus veel Nederlanders trekken naar dit gebied, dat goed te bereizen is. Ze wonen er permanent of hebben er een tweede huis.

Rond het begin van onze jaartelling was de Morvan redelijk druk bewoond. Kelten hadden de eigenschap zich op bergtoppen te vestigen. De Romeinen brachten hun kennis en invloeden mee. Na de Romeinse tijd liep het gebied echter – of dus – leeg. En zo was het lange tijd. Midden negentiende eeuw trokken er weer mensen naar de Morvan voor de bosbouw. Parijs was groeiende en had behoefte aan brandstof. Hout. De rivieren in de Morvan sluiten aan op de Seine en die stroomt naar Parijs. Maar ja, eind negentiende, begin twintigste eeuw was de opkomst van steenkool, elektriciteit en andere fossiele brandstoffen. Het was over met de bosbouw en na de Eerste Wereldoorlog trokken de mensen weer weg.
In de Morvan worden momenteel veel kerstbomen geteeld, ca. 1 miljoen vinden hun weg naar Franse huishoudens. In Frankrijk worden in totaal 7 miljoen kerstbomen per jaar verkocht. Maar het is niet zo dat je als bezoeker/gast/toerist door de kerstbomenakkers het bos niet meer ziet 😉

1 gedachte over “Wij waren in de Morvan”

Een reactie plaatsen

Verschijnt een à twee keer per maand. Met een breed scala aan onderwerpen uit het groenere leven en lekkere recepten.

Kijk in ‘spam’ of ‘reclame’ wanneer u niet binnen een paar minuten een e-mail ontvangt.