Regenesis

Dit Engelstalige boek van George Monbiot, een van de beruchtste Britse publicisten op het gebied van klimaat en natuur, is op zijn minst interessant te noemen. Het is een aanrader, maar wel met een kritische blik lezen!

Het verscheen in het voorjaar van 2022, werd gelezen, maar een geschreven recensie kwam er maar niet van. Nu dan alsnog. Mijn getreuzel kwam deels omdat ik hoopte op een Nederlandse vertaling – wij recenseren toch het liefst Nederlandstalige boeken van Nederlandse uitgevers. Maar ik wist ook niet zo goed raad met de twee gezichten van dit boek. De eerste helft, of twee derde eigenlijk, is een uiterst scherpzinnige, goede en diepgaande analyse van wat er allemaal mis is met ons voedselsysteem. De tweede helft, of de laatste een derde, is een verhaal over ‘boerderijvrij’ eten – veelal hoogtechnologische oplossingen die volgens Monbiot essentieel zouden zijn om de wereldbevolking te voeden binnen een veganistische leefstijl.

De verbinding tussen die twee delen van het boek komt mij niet logisch over. Het voelt bijna alsof het boek een U-bocht maakt – alsof die brede waaier aan problematiek ineens in een simpele, panklare oplossing te vatten zou zijn. Je kunt op je klompen aanvoelen dat dat niet zo is.
Het is daarentegen absoluut een boek dat het waard is om te worden gelezen, alleen al voor het eerste deel. En het is ook een boek dat het waard zou zijn om te worden vertaald!

TitelRegenesis – Feeding the world without devouring the planet
VanGeorge Monbiot
UitgeverAllen Lane
ISBN9780241563458
Verschenen26 mei 2022
Prijs€ 25,95 (een goedkopere paperback is vanaf voorjaar 2023 leverbaar)
Verkrijgbaar bijAlle boekhandels en indien u online wenst te winkelen, raden we deze aan. Dan verdient de echte boekhandel zelf ook nog iets.

Betwistbare keuzes

George Monbiot is zoöloog, studeerde in Oxford, schrijft voor The Guardian, enzovoorts. Niet de minste dus; een van de meer invloedrijke stemmen in het Britse debat rond het klimaat. Hij is niet onomstreden – hij kan nogal scherp uit de hoek komen en is ook niet te beroerd om van mening te veranderen (te draaien, zouden sommige mensen zeggen). Daar is overigens op zichzelf niks mis mee, het is soms juist ook fijn als mensen erin slagen om uit hun loopgraven te komen en hun stokpaardjes in de hoek te zetten.

Zijn focus is in principe klimaat. En klimaat, en klimaat. Alles wat fout is, wordt door hem vanuit klimaat impact bezien. En alle verbeteringen ook. Dat leidt soms tot betwistbare keuzes. Monbiot ‘draaide’ bijvoorbeeld rond 2011 van een felle tegenstander van kernenergie naar voorstander. Reden: klimaat. Allerlei andere goede argumenten tegen kernenergie veegt hij sinds die tijd onder het kleed. Wat mij betreft een gevalletje ‘het middel is erger dan de kwaal’. (Twijfelt u over kernenergie? Lees dan dit.)

Logische opbouw met wringend einde

Landbouw en voeding zijn voor Monbiot een aanpalend onderwerp (aan klimaat, klimaat en klimaat) en niet direct zijn specialiteit. Dat merk je. Al het mooie werk dat hij in de eerste helft van het boek doet leidt tot minder logische conclusies in de tweede helft. De logica die in dit boek wordt gevolgd is, heel kort samengevat, als volgt:

  1. Onze voedselvoorziening is te schadelijk voor het klimaat,
  2. wat voor het overgrote deel komt doordat we teveel dierlijke eiwitten eten,
  3. dus moeten we minder dierlijke eiwitten eten,
  4. maar niemand wil dat en gedragsverandering gaat te lang duren,
  5. dus: laten we op grote schaal nepvlees, eieren, zuivel en vis in fabrieken gaan produceren, zodat mensen hun eetgewoonten niet hoeven te veranderen, maar de klimaatbelasting hopelijk omlaag gaat.

Vervolgens doet hij een paar hoofdstukken zijn best om uit te leggen dat die nepproducten best lekker zijn, helemaal niet zo ongezond en dat er steeds minder energie voor nodig is om ze te maken – oké, toegegeven, nu nog wel heel veel energie. Je zou bijna denken dat hij aandelen heeft in de bedrijven die het produceren.

Kweekvlees – foto: WEF, Commons Wikimedia

Vooral waar Monbiot oproept tot het terughalen van de controle over ons eigen voedingssysteem, en niet meer achter de grote bedrijven aan te lopen, wringt het. Want de hoogtechnologische oplossingen die hij aandraagt spelen nu juist het grote bedrijfsleven in de kaart. Het voelt een beetje alsof hij de lezer, en en passant de hele wereldbevolking, een veganistisch menu opdringt dat verzacht moet worden met kweekvlees en chemisch nep-ei uit een fabriek. Hij lijkt daarbij te vergeten dat dit soort kunstgrepen (gelukkig) slechts één oplossingsrichting vormen, en dat er ook andere (en betere) manieren zijn om het voedselsysteem te verbeteren.

Ecomodernisme van de bovenste plank

De toekomst? – scene uit de film Blade Runner

Het is techno-optimisme van de bovenste plank. Ook wel bekend als ecomodernisme; een technologische vlucht vooruit die in de toekomst alles zal oplossen Je moet er in geloven om er in mee te willen gaan – en oh, wat willen we het graag geloven. Want de ecomodernisten spiegelen ons voor dat we gewoon op dezelfde voet kunnen blijven doorleven met al die mooie nieuwe technologie. Besparen, versoberen – echt veranderen! – is volgens hen niet nodig. (Ook bijzonder prettig voor de ondernemingen die geld kunnen verdienen aan het produceren van al die mooie nieuwe technologie.)

Het vervelende is echter dat wij als mensheid niet zo’n heel goed track record hebben als het gaat om mooie nieuwe technologie die al onze problemen gaat oplossen. Maar al te vaak creëerde de nieuwe technologie andere problemen, die pas na verloop van tijd zichtbaar werden. Laten we het eens hebben over light– voeding bijvoorbeeld, die als DE oplossing werden gepresenteerd tegen hart- en vaatziekten door ongezond vet eten. Maar massaal light producten eten – waar over het algemeen weliswaar minder vet, maar ook veel meer koolhydraten in zitten – heeft ons niet gezonder gemaakt, eerder zieker. Of het werkte gewoon eigenlijk helemaal niet; gebrek aan voldoende kennis.
Een meer recent voorbeeld uit Nederland: Luchtwassers en bijzondere vloersystemen in stallen, die moeten helpen het stikstofprobleem op te lossen. Koeien, varkens en kippen binnen houden in de stal, deuren dicht, luchtwasser erop, dure vloer erin, probleem opgelost. (Prettige bijkomstigheid: Dan kunnen mensen niet meer zien wat er met al die dieren gebeurt). Maar goed, het werkt dus niet, om allerlei redenen die hier nu te ver voeren.
Wist u dat er ook gewoon simpele, low-tech oplossingen zijn om de stikstofuitstoot te verminderen? Die zijn ook niet perfect – de enige werkelijke oplossing is minder dieren – maar ze werken vermoedelijk beter dan de luchtwassers en dure vloeren. Bijvoorbeeld: Dieren buiten laten lopen. Contra-intuïtief misschien, maar doordat poep en pies gescheiden blijven en de pies meteen de grond in trekt, ontstaat er veel minder uitstoot van ammoniak. Of – ook aangetoond – je dieren aanwennen dat ze op de ene plek poepen en op de andere piesen. Dat vereist aandacht en tijd, maar het kost niks. Dat geen enkele leverancier of bank iets kan verdienen aan dit soort laagtechnologische oplossingen speelt ongetwijfeld een rol in het feit dat ze niet breed zijn opgepakt.

Magische wonderen

Natuurlijk is het aantrekkelijk om in magische oplossingen te geloven. Zeker als het steeds moeilijker lijkt om op andere manieren de problemen op te lossen. Des te banger je bent, des te groter de neiging te geloven in wonderen. Of mee te gaan in makkelijk lijkende oplossingen. Zelfs als je eigenlijk wel weet dat het niet gaat werken. Kop in het zand. (Als het te mooi lijkt om waar te zijn, dan is het dat meestal ook).
Mineralen in de atmosfeer uitstrooien, gigantische spiegels uitklappen in de ruimte, mammoeten opnieuw opfokken uit fossiel DNA, kolonies starten op Mars, dat soort dingen. Luchtwassers. Mini-drones om bij gebrek aan insecten gewassen te bestuiven.
Gevaarlijk: Omdat je geen idee hebt welk evenwicht je verstoort en waar dit op de langere termijn toe kan leiden. Aantrekkelijk: Omdat het een simpele en positief lijkende uitweg biedt uit een super complexe situatie die alleen maar naar de afgrond lijkt te leiden. Vlees kweken in bioreactoren hoort zeker en vast bij deze magische pseudo-oplossingen.
Er is uit allerlei hoeken dan ook aardig wat kritiek op Regenesis gekomen, bijvoorbeeld hier.

Zeker lezenswaard

Maar goed. Laten we het over het eerste deel van het boek hebben. Die is zeker interessant. Monbiot is een begenadigd schrijver en verweeft persoonlijke belevenissen en overpeinzingen vaardig met feiten en kennis van deskundigen. Hij schrijft over de complexiteit van bodem en water en hoe die als essentiële elementen veronachtzaamd zijn. Hij schrijft over de menselijke spijsvertering en gezondheid. Over vergaande milieuvervuiling door de landbouw en de agrarische industrie. Over hoeveel voedsel er wordt weggegooid. Over nieuwe manieren van landbouw. En over hoe weinig we nog steeds van heel veel dingen afweten. Dat alles in een fijne, vloeiende, verhalende, levendige stijl. Zeker lezenswaard dus.

Plaats een reactie