April in de moestuin

De laatste dagen van maart en de eerste dag van april eindigden als bijna winters. Koud. Maar het opkweken is begonnen. Deze maand staat vooral in het teken van de vruchtgewassen. Zowel die voor in de kas als die na de IJsheiligen naar buiten kunnen. En natuurlijk zaaien we gespreid allerlei andere groenten.

Kwekerij in coronatijd

Onze Plantjesdag, zo rond de IJsheiligen, kennen we al jaren. Het teveel aan wat we voor eigen toepassing en gebruik kweken verkopen we dan. Nu gaan we richting heuse kwekerij van voor de mens nuttige planten. Eetbare gewassen, maar ook verfplanten, heilzame kruiden en dergelijke.

Witlo(o)f in De Telegraaf

Op 16 februari oogstten we onze eerste witlof van het jaar. We plaatsten de foto op Facebook en een hongerige eetschrijver reageerde. Dat leidde tot een ontzettend leuk artikel in de krant en veel reacties. Want het ging natuurlijk over smaak en de eeuwige zoektocht naar de authentieke witlof met dat heerlijke bittertje.

Maartwerk 2020

De krokussen en narcissen bloeien. De vogels zingen dat het een lieve lust is. De zaaikriebels zijn nauwelijks te bedwingen, maar houdt ze in toom. De IJsheiligen zijn nog ver en straks zit je met onhandelbaar grote, langgerekte, naar licht zoekende zaailingen.

De verfplantentuin – De Druppel [1]

In de Eetbare Siertuin was van meet af aan een hoek die geen bestemming (meer) had en voor allerlei experimenten werd gebruikt. Er staan en stonden dus best leuke planten, maar het bleef zo’n plek waar je langs loopt en denkt: daar zouden we eigenlijk eens iets anders mee moeten doen. En dat worden verfplanten, planten die gebruikt worden om het leven kleur te geven.

Tepary-boon

Er is nog een boon, de tepary-boon. We kennen al de pronkboon en de gewone bonen (de sperziebonen en haar vele verwanten), maar de Phaseolus acutifolius bestaat ook en al heel erg lang. Ze is weer in de belangstelling, omdat ze zeer goed tegen droogte kan.